Lentekriebels

Wanneer er in huize Van de Ven foto’s voorbijkomen waar Lot niet op te bekennen is, dan is steevast haar vraag: ‘Waar was ik toen, papa?’. Het meest gegeven antwoord in die gevallen: ‘Toen zat jij nog in de buik bij mama’. Dit terwijl de tijd dat ze daadwerkelijk in die heerlijk warme, ietwat kleine en behoorlijk vochtige ruimte heeft gezeten slechts een aantal maanden heeft geteld. In 9 van de 10 gevallen is het dan ook een leugentje om bestwil. Ik heb het heus wel eens geprobeerd, hoor: ‘Toen bestond jij nog niet’. Maar om daarna dan uit te leggen dat er een tijd is geweest dat er nergens ter wereld ook maar iets wees op de aanwezigheid van die blonde wijsneus, dat viel nog niet mee. Sterker nog, het was een schier onmogelijke opgave. Het ‘niets’ is niet te begrijpen en bestaat voor haar dus ook niet.

Afgelopen weekend verdiepte het gesprek rondom de oorsprong van mijn dochter zich plotseling. Aan de ontbijttafel bespraken mijn vriendin en ik weer een gevalletje oh-wat-lijkt-ze-toch-ontzettend-veelop- je. Op een verjaardag waar ikzelf ontbrak, hadden een aantal vriendinnen van vrienden gezegd hoeveel Lot wel niet op haar moeder leek. Andersom krijg ik dit ook vaak te horen (‘Nou nou. Die brengen ze wel weer thuis hoor! Daar is geen twijfel over mogelijk.’) en daarom luidde de uiteindelijke conclusie dat er een beetje van beide in moest zitten. Lot haakte hierop in door te stellen dat ze toch vooral van mama was, omdat ze bij haar in de buik had gezeten. Zo kwamen we op het gesprek dat er voor het maken van een kindje een beetje van de mama én van de papa nodig was. Dit inzicht bracht ons ertoe om de hele familie door te lopen en te bedenken van wie er allemaal beetjes gebruikt waren om de desbetreffende neefjes, nichtjes, ooms, tantes, vrienden en vriendinnen te maken. Het fundament voor een vruchtbare seksuele voorlichting was gelegd! De laatste weken zijn we ook in mijn groep 7-8 bezig geweest met lessen rondom relaties en seksualiteit. De Week van de Lentekriebels is een landelijk georganiseerde week in maart, waarin veel basisscholen een week lang geen taboe kennen op het gebied van seksuele voorlichting. Ik heb in het verleden al veel collega’s en (vooral) stagiaires langs zien komen die dat onderwerp liever uit te weg gaan of tenminste erg gênant vinden om te bespreken, maar ik vind dit altijd prachtig. Op deze momenten is de aandacht onverdeeld en onbeperkt. De rode oortjes staan gespitst en uiteindelijk blijft bijna geen enkele vraag ‘ongesteld’. De meeste kinderen en jong-volwassenen moeten het juist van die voorlichting op school hebben. Het blijft altijd een lastig onderwerp om thuis met je ouders te bespreken.

Een week Lentekriebels is veel te kort en er blijven altijd vragen die lastig te stellen zijn voor het oog en de oren van de klas. Daarom staat er bij ons achter in de klas voor de rest van het jaar een kriebelbox. Kinderen kunnen hier (anoniem als ze dat willen) hun vragen kwijt. Geen taboes, je mag alles vragen (wat niet wilt zeggen dat ik overal een antwoord op heb). Eén keer in de week legen we de box en bespreken we de vragen en overdenkingen van de kinderen uit mijn klas. Waarom schamen baby’s zich niet voor hun blote lichaam en volwassen mensen wel? Hoe heet een mannelijke hoer? Doen getrouwde mensen ook aan zelfbevrediging? De Lentekriebels zijn niet in een weekje te parkeren. Die houden nog wel een eventjes aan! 

JAN

  • Beoordeel dit item
    (0 stemmen)
  • Gepubliceerd in Onderwijs
  • Lees 1530 keer
terug naar boven