‘Flexwet is Venrayse scholen blok aan het been’

De Wet werk en zekerheid, ook wel Flexwet genoemd, gaat per 1 juli van dit jaar in voor het primair onderwijs en moet de positie van tijdelijke werknemers versterken. Hierdoor kunnen zij sneller doorstromen naar een vaste baan, aldus het kabinet. Nu de ingangsdatum nadert, stuit het plan van minister Asscher (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) binnen bepaalde sectoren op hevig verzet, zo ook binnen het onderwijs. Eerder al spraken schoolbesturen in Friesland en Zuid-Limburg stevige taal en lieten doorschemeren dat zij bang zijn leerlingen naar huis te moeten sturen. Ook Venrayse scholen vrezen dat dit het onbedoelde gevolg is. ‘Het doel lijkt goed, al werkt dat richting het onderwijs onhandig uit. En dat is nog zacht uitgedrukt’, aldus SPOVenray.

Flexwet
Door de nieuwe Wet werk en zekerheid zijn een aantal regels rondom flexibele arbeid, Werkloosheidswet (WW) en ontslag ingrijpend veranderd. Binnen het onderwijs geldt de wet voor het bijzonder onderwijs, het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs. Openbare scholen, waarvan men er in Venray twee heeft (De Keg en De Klimboom), zijn niet in de wet opgenomen, maar doordat SPOVenray een samenwerkingsstichting is vallen zij wel onder de Flexwet. De belangrijkste wijziging heeft betrekking op flexibele arbeid. Voorheen regelde de wet dat je binnen 36 maanden maximaal drie tijdelijke arbeidsovereenkomsten kon hebben. Als na een contract een onderbreking van langer dan drie maanden plaatsvond, dan begon de telling van contracten opnieuw. De nieuwe wet zorgt er echter voor dat deze maximale periode wordt verkort tot 24 maanden. Hoewel het maximale aantal contracten bij drie blijft, wordt de onderbrekingstermijn waarna de telling weer opnieuw begint verlengd naar zes maanden. Door deze nieuwe bepaling moeten werknemers dus vanaf 1 juli al na twee jaar of drie contracten een vaste baan krijgen.

Kinderen naar huis
De eerder beschreven ketenbepaling is volgens SPOVenray de grootste sta-in-de-weg. ‘Tijdens griepgolven heb je te maken met een populatie vervangers die je direct nodig hebt op het moment dat een leerkracht ziek is. Als deze echter te vaak worden ingezet zit je als werkgever snel vast aan een vast contract en dat is ondoenlijk voor besturen’, zegt Fraukje van Lieshout van Stichting Primair Onderwijs Venray (SPOV). Met de aanpassing wordt het voor scholen bovendien steeds lastiger om invallers te vinden die bereid zijn om één dag te komen invallen, één dag betekent ten slotte één contract. ‘Vanaf 1 juli zal dit alleen nog maar lastiger worden’, aldus Van Lieshout. Veel plaatsvervangende leerkrachten zullen alleen nog maar komen als schoolbesturen hen voor een langdurige vervangperiode nodig hebben. Daar komt bij dat scholen uit de regio met z’n allen in dezelfde vijver vissen en dat veel leerkrachten uit arbeidsperspectief naar het westen zijn vertrokken. ‘In ultimo zou het zo kunnen zijn, en dat hebben we het afgelopen jaar al bijna een paar keer ervaren, dat het niet anders kan dan dat kinderen naar huis worden gestuurd omdat er gewoon geen leerkrachten zijn. Uiteindelijk kon dit nog net intern worden opgevangen. Je kunt geen garantie meer geven dat kinderen ook altijd van onderwijs worden voorzien en dat is erg vervelend’, reageert Van Lieshout. Ook ouders worden hierdoor indirect getroffen. Zij moeten halsoverkop van werk vertrekken om hun kleine spruit van school te moeten halen. Een ander hoofdpijndossier binnen de Flexwet is de transitievergoeding. Elke werknemer krijgt bij ontslag na minimaal twee jaar dienstverband een vergoeding met een maximum van 75.000 euro of maximaal één jaarsalaris. De vergoeding wordt berekend naar het aantal gewerkte jaren. Echter, nu het aantal geboortes landelijk daalt is er daling van leerlingenaantallen waarneembaar. Hierdoor moeten leraren ontslagen worden. Zonder goede afspraken komen de kosten van de transitievergoeding bovenop de lange tijd dat boventallige leerkrachten op de loonlijst staan en de lange duur van uitkeringen na de WW-periode. Mede hierdoor liepen de onderhandelingen voor een nieuwe cao voor het primair onderwijs twee weken geleden spaak.

Kansen
De Flexwet kent niet enkel en alleen negatieve gevolgen, het zorgt er tegelijkertijd voor dat besturen een veranderde ‘mindset’ over de omgang met vervangers moeten creëren, aldus SPOVenray. Scholen moeten hierbij nadenken hoe zij het systeem van vervangers op een andere manier kunnen vormgeven. Dat vraagt extra inzet van organisaties als SPOVenray, maar ook van scholen in de regio. ‘Je moet streven naar een vorm waarbij de flexibiliteit meer in je eigen organisatie komt te liggen, waarbij je je eigen flexibele schil moet gaan ontwikkelen’, zegt Van Lieshout.

Oplossing
Dat de huidige vorm van de Wet werk en zekerheid voor het onderwijs niet de juiste uitwerking heeft lijkt duidelijk. Hoewel de Flexwet voor vrijwel alle sectoren geldt, heeft minister Asscher inmiddels voor bepaalde sectoren uitzonderingen doorgevoerd. SPOVenray vermoedt dat hier de enige juiste oplossing in gevonden moet worden. Volgens hen moet de minister de wet aanpassen en ook de sector onderwijs voor een deel uitsluiten van de wetgeving. Daarnaast kunnen ook scholen wat betekenen door zich in te zetten om invallers vroegtijdig aan zich te binden, hetgeen vooral op lange termijn soelaas biedt. ‘Op lange termijn zien wij het wel goed komen. De korte termijn is gewoon het lastige. Je moet investeren aan de voorkant voor iets wat je op de latere termijn pas nodig hebt. Dat vraagt een financiële impuls van schoolbesturen’. Deze financiële injectie moet het mogelijk maken dat scholen enkele leerkrachten in dienst kunnen nemen. Zij kunnen er dan mede voor zorgen dat er altijd iemand voor de klas staat mocht er verzuim optreden. De vraag blijft of scholen dit waar kunnen maken en niet dweilen met de kraan open. ‘Ideaal is het niet, maar dan heb je in ieder geval wel overschot’, reageert Van Lieshout.

Hoe verder?
SPOVenray gaat verder met vormgeven van het beleid volgens de kaders die er nu liggen. Nu de onderhandelingen voor een nieuw cao zijn vastgelopen en de ingangsdatum nadert, komt er een lobby op gang die heeft geresulteerd in een motie van de SP en ChristenUnie om onderwijs voor een deel uit te sluiten van de Flexwet.  ‘Voor het onderwijs heeft de wet een averechts effect. Voor een kleine groep zal het een positief effect hebben, maar voor de grootste groep niet. We hopen vóór 1 juli duidelijkheid te hebben’, laat Van Lieshout tot slot weten.

Bas Dammers 

  • Beoordeel dit item
    (1 Stem)
  • Gepubliceerd in Actueel
  • Lees 518 keer
terug naar boven