Samen aan de slag, samen verantwoordelijk

Twee maanden na de gemeenteraadsverkiezingen zijn de nieuw benoemde wethouders van de gemeente Venray inmiddels al weer enkele weken aan het werk in het gemeentehuis. Samen met burgemeester Hans Gilissen zetten zij zich ervoor in om Venray leefbaarder, welvarender en veiliger te laten worden, staat in het coalitieakkoord. Het motto van het college van Burgemeester en Wethouders: ‘Samen aan de slag, samen verantwoordelijk’. Vertrekpunten zijn de ‘warme jas van Venray’ en de prettige diversiteit van Venray, als tweede stedelijke gebied van Noord-Limburg, behouden en versterken. Maar waar maken de wethouders zich sterk voor? Wat zijn hun speerpunten voor de komende vier jaar? Een korte introductie.

Lucien Peeters
(CDA, getrouwd, 2 kinderen, Leunen) heeft binnen het college de portefeuille Leven. Daaronder vallen onder meer de decentralisaties Wmo/Jeugdzorg/Participatiewet, leefbaarheid, welzijn, werkplein, kunst/cultuur/sport, volksgezondheid en accommodatiebeleid. In het vorige college zijn in de portefeuille leefbaarheid onder andere de laatste dorps- en wijkontwikkelingsplannen tot stand gekomen. ‘Die ervaring breng ik nu mee. Het samen met inwoners vormgeven aan de leefbaarheid van hun dorpen en wijken was een goede voorbereiding op een heel belangrijke nieuwe taak, het begeleiden van de decentralisaties van de zorgtaken van de overheid. Ik zie daarin namelijk veel verbanden, leefbaarheid en de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) liggen voor mij dicht bij elkaar. We krijgen echter van het Rijk minder geld voor deze taken. De kunst is dus om het anders te gaan doen. Ik ben er overigens van overtuigd dat de gemeente dit beter kan organiseren dan het Rijk, want wij staan dichter bij de mensen.’

Motiveren en stimuleren

Er zijn veel raakvlakken binnen de portefeuille Leven, zegt Lucien Peeters. ‘Kunst, cultuur en sport zijn bijvoorbeeld een motor voor participatie, waarmee je ook mensen die niet werken kunt activeren. Dat zijn kruisverbanden waardoor je binnen je minimabeleid kansen kunt creëren. Aan de andere kant moeten we als overheid ruimte geven aan zelfsturing en dat betekent voor de gemeentelijke organisatie ook loslaten. Kijk naar de gezinscoaches, die samen met een hulpvrager eerst in de eigen omgeving kijken wat of wie je kan helpen. Binnen het Wmo-loket idem dito. Niet meer een standaardformulier invullen en afwachten wat daarop volgt. Maar met elkaar in gesprek gaan en kijken naar wat je echt nodig hebt. En vooral uitgaan van je eigen kracht. Dat is ook mijn politieke motivatie. Mensen motiveren en stimuleren. Je kunt namelijk vaak meer bijdragen dan je zelf denkt.’

Zorgvuldig proces
‘Mijn rol als wethouder kent wellicht wat minder concrete eindpunten, maar zit meer in het zorgen voor een zorgvuldig proces. Hoe regelen we die veranderingen? Je mag mensen niet tekort doen in het aanbieden van voorzieningen. Maar het maakt je sterker als je zelf dingen kunt oppakken in je eigen omgeving. We hebben daarentegen als gemeente ook een zorgplicht. Daarvoor hebben we gelukkig een kundig team ambtenaren. Dat we te maken hebben met regels en tegelijk moeten loslaten zorgt alleen soms voor een spanningsveld. We moeten daarom goed over de bühne brengen hoe het Wmo-loket werkt. Duidelijk maken: we doen het samen, maar je hebt ook je eigen verantwoordelijkheid. Ik ga daarom graag het gesprek aan met mensen die nu gebruik maken van bijvoorbeeld de Wmo of de jeugdzorg en hoor graag hun verhaal. Daar staat mijn deur voor open. Want ik wil er absoluut op toezien dat dat veranderingsproces goed gaat.’

Jan Loonen
(CDA, getrouwd, Heide) is wethouder Werken. Zijn portefeuille omvat onder meer economische ontwikkeling, mobiliteit en infrastructuur, gebiedsontwikkeling en bedrijventerreinen, centrumontwikkeling, werkgelegenheid, toerisme & recreatie en natuurontwikkeling. ‘Op de meeste beleidsterreinen was ik ook in het vorige college actief’, vertelt Jan Loonen. ‘Veel projecten lopen voor mij dan ook door. Voor de komende jaren is mijn belangrijkste opdracht ‘werk maken van werk’. Het versterken en behouden van werkgelegenheid en de positie van Venray, stad in de Peel verder versterken. Samen met het college wil ik de komende jaren verder in de volle breedte handen en voeten geven aan ‘Venray, belangrijke stedelijke kern in Noord-Limburg’.’

Kansen voor bedrijven
Voor wat betreft de stadsontwikkeling staat niet alleen het centrum, met speciale aandacht voor Schoolstaat, Goumansplein, ‘vergeten driehoek’ en Gouden Leeuw op het programma, maar ook de economie en bedrijvigheid op de bedrijventerreinen. ‘Bedrijven krijgen hier kansen, maar wel met een opdracht: doe je het beter, duurzamer, toekomstbestendig en hoogwaardig? Dan krijg je in Venray alle ruimte. Dan is Venray als een warm bad. Hier kan heel veel, die boodschap willen we uitdragen.’ Ander punt hoog op de agenda is de infrastructuur: ‘Via Venray, de verbinding naar de haven in Wanssum komt inmiddels op stoom. Belangrijk aandachtspunt is ook de gebiedsontwikkeling Ooijen-Wanssum. De insteek daarvoor was oorspronkelijk hoogwaterbestrijding, maar het gaat tevens over economie en leefbaarheid, een gigaproject waar ook veel kansen liggen voor natuur en landbouw. Let wel, het gaat over 4300 hectare - vergelijk met Klavertje 4, dat is 5400 hectare. Daar gaat veel gebeuren. Ook dat is ontwikkeling van Venray-stad! We zetten vol in op kennisontwikkeling, leveren onze bijdrage aan de kennisas Limburg. Denk aan Feed Design Lab, landbouwontwikkelingsgebied Wüsterveld, maar ook de nieuwbouw van Inalfa. Allemaal goed voor hoogwaardige arbeid.’

Maasgaard
In Venray moet het echter niet alleen goed werken zijn, maar ook aantrekkelijk wonen. Inclusief recreatie. Op dat gebied is Maasgaard een van de grotere projecten: het versterken van de zones die natuur en toerisme verbinden. ‘We zetten in op dagtoerisme: lekker wandelen en fietsen in de omgeving. Intensieve recreatie op de Witte Vennen, met het beste zwemwater van Limburg. En we gaan de natuurrecreatie bij de Diepeling verder uitbouwen. Daar hoort ook het cultuuraanbod bij, zoals de schouwburg. Dat VieCuri opnieuw wil bouwen in Venray is ook veelzeggend. Venray ligt goed. Voor Venray als tweede stad van Noord-Limburg, een functie die wij voor onszelf zien, zijn de programma’s opgezet. Ik ben dan ook trots op wat we in Venray kunnen en doen en draag dat graag uit.’

Twee maanden na de gemeenteraadsverkiezingen zijn de nieuw benoemde wethouders van de gemeente Venray inmiddels al weer enkele weken aan het werk in het gemeentehuis. Samen met burgemeester Hans Gilissen zetten zij zich ervoor in om Venray leefbaarder, welvarender en veiliger te laten worden, staat in het coalitieakkoord. Het motto van het college van Burgemeester en Wethouders: ‘Samen aan de slag, samen verantwoordelijk’. Vertrekpunten zijn de ‘warme jas van Venray’ en de prettige diversiteit van Venray, als tweede stedelijke gebied van Noord-Limburg, behouden en versterken. Maar waar maken de wethouders zich sterk voor? Wat zijn hun speerpunten voor de komende vier jaar? Een korte introductie.

Ike Busser
(Samenwerking Venray, getrouwd, 2 kinderen, 4 kleinkinderen, Venray/Landweert) is wethouder Besturen. Daaronder vallen onder andere gemeentelijke organisatie(ontwikkeling) en financiën, belastingen, beleid en beheer openbare ruimte, vergunningverlening, toezicht & handhaving en vastgoedbeheer. In het vorige college had Ike Busser ook financiën en ICT in portefeuille. ‘Belangrijke zaken binnen onze middelen. We willen een meerjarig sluitende begroting, terwijl we de lastendruk laag houden. De afgelopen jaren zijn we daar goed in geslaagd. Ondanks de bezuinigingen bleef de dienstverlening op niveau. Daarnaast is de ICT, de informatie- en communicatietechnologie belangrijk. De gemeente moet fors blijven inzetten om de digitale samenleving goed te faciliteren. Ons klantcontactcentrum is inmiddels ingericht, nu zetten we in op het verder uitbouwen van digitale dienstverlening. Het moet straks bijvoorbeeld 24 uur per dag mogelijk zijn om een paspoort aan te vragen.’

Efficiënt
De komende jaren krijgt de organisatieontwikkeling specifiek aandacht van de wethouder. ‘Interne processen moeten we efficiënt afhandelen. Zelfsturing vinden we belangrijk. Dan moeten we dus kijken hoe we onze inwoners zo goed mogelijk kunnen bedienen. Geen hindernissen opwerpen, maar kijken hoe zaken slim geregeld kunnen worden. Denk daarbij aan het faciliteren van nieuwe ontwikkelingen zoals Glasweb. Aan de andere kant hebben we natuurlijk ook onze wettelijke verplichtingen: Venray schoon, heel en veilig houden. Daar hoort ook bij afval terugdringen en herbruikbaar afval vermarkten. Of riolen schoonhouden met nieuwe technieken. Goede openbare verlichting. Allemaal tegen zo laag mogelijke kosten. Daarnaast is toezicht en handhaving een taak voor de overheid. Dat lijkt soms misschien haaks te staan op zelfsturing, maar we moeten ook rechten bewaken. Door goed te overleggen kun je op voorhand veel conflicten voorkomen. En als mensen zich dan niet aan afspraken houden, moeten we handhaven.’

Regionale samenwerking
Wethouder Busser zoekt waar mogelijk ook regionale samenwerking. ‘Vaak kun je samen meer kwaliteit leveren en efficiënter opereren. Dat scheelt ook in de kosten.’ Zoals in het netwerk Regionale UitvoeringsDienst, waarin Venray samenwerkt op milieugebied met andere gemeenten in Noord- en Midden Limburg en provincie in vergunningverlening, toezicht en handhaving. ‘Omdat je tevens met je eigen mensen werkt, houd je dan toch goed grip op de uitvoering.’ Een ander voorbeeld is het platform Sociale Veiligheid Maaslijn, dat de veiligheid van de reiziger op en rond de spoorlijn borgt en verbetert. In de Mobiliteitsvisie werkt Venray samen met andere gemeenten aan projecten die van belang zijn voor de bereikbaarheid en ontsluiting van Venray. ‘Denk aan de haven of aan onderhoud, wat je samen kunt doen.’ Het mensen in beweging brengen; ambtelijk, maatschappelijk en bestuurlijk, daarin zit voor Ike Busser een uitdaging. ‘Maar dan wel in kleine stapjes. Belangrijk voor het overzicht.’

Hans Teunissen
(D66, getrouwd, 3 kinderen, Venray/Veltum) is de nieuwkomer in dit college, maar zeker geen onbekende, hij was wethouder in een vorig college. Zijn portefeuille is Wonen, met onder andere volkshuisvesting & stedenbouw, ruimtelijke ordening en -kwaliteit, milieubeleid, duurzaamheid, stadsprojecten, onderwijs en regulier jeugd- en jongerenbeleid. Indertijd had hij ook ‘ruimte’ in portefeuille. Wonen staat dan ook hoog op zijn agenda. En dan vooral het vervroegen en verlengen van de wooncarrrière: ‘We bouwen vooral woningen voor mensen die al een woning hebben. Starters beginnen meteen met een appartement of woning. Maar voor jongeren tussen de 18 en 23 is nauwelijks zelfstandige woonruimte. Voor hen wil ik woonruimte creëren, in de sfeer van studentenhuisvesting. Nu zijn jongeren als ze op kamers willen vaak ‘verplicht’ om naar elders te verhuizen. Vaak daar waar ze hun opleiding doen of een stage volgen. Maar als ze eerder zelfstandig in eigen gemeente kunnen wonen, bind je jongeren aan Venray. Bied hen ook nog stage- en afstudeerplekken en je behoudt ze voor de toekomst.’ Bij het verlengen van de wooncarrière hoort overigens ook langer zelfstandig wonen voor ouderen. ‘In kleinere eenheden. Daar is behoefte aan. Dan voegen we iets toe aan de woningmarkt, iets wat er nu niet is.

Duurzaam
Ander speerpunt in de ruimtelijke ontwikkeling is de herontwikkeling van Sint Anna en het aanpakken van een aantal ‘rotte plekken’ in het straatbeeld: ‘Samen met dorps- en wijkraden willen we ‘unheimische’ plekken of niet-paradepaardjes aanpakken. We denken daarbij vooral in oplossingen. Zo investeren we in de kwaliteit van gebouwen en de sociale omgeving.’ Milieu en duurzaamheid gaan daarbij hand in hand. ‘We gaan sterker inzetten op duurzaam bouwen en milieubewustwording. Op duurzaam gebruik van grondstoffen en respect voor de natuurlijke omgeving. Leegstaande publieke gebouwen, zoals scholen die leegstaan, moeten een goede herbestemming krijgen.’

Stem voor jongeren
Onderwijs en jeugd en jongeren hebben eveneens de warme aandacht van de wethouder. ‘Belangrijk zijn op dit moment de realisatie van een talentencampus, de definitieve huisvesting van de montessorischool, de vestiging van een integraal kindcentrum en het openhouden van scholen op de dorpen.’ Daarnaast wil Hans Teunissen een platform creëren voor zaken die jeugd en jongeren aangaan. ‘Zij moeten ook een stem krijgen in het besluitvormingstraject. Dat hebben andere doelgroepen immers ook. In die zin wil ik voortborduren op het beleid rond The B, in overleg met bestaande organisaties zoals kunstencentrum en Odapark. We moeten vooral aanhaken bij wat de jeugd wil. Het is belangrijk voeling te houden met de maatschappij. Samen verbeteren we de wereld. Maar dan wel in kleine stapjes.’ 

 

  • Beoordeel dit item
    (1 Stem)
  • Gepubliceerd in Politiek
  • Lees 1593 keer
terug naar boven